• 27th March 2008 - By Annemiek

    Afgelopen weekend ging ik naar de opera, naar La Traviata van Verdi. Ik ging met een vriend die nog nooit naar een opera geweest was en eigenlijk ook niet zo veel met klassieke muziek had. Het was erg gezellig en in de pauze kwamen we mijn zus tegen. Binnen de kortste keren ging het gesprek over andere opera’s, versies van de Mattheus en de concerten in Naarden. Je zou bijna denken dat klassieke muziek ons thuis met de paplepel ingegoten is. Het rare is dat ik me dat niet zo herinner. Er was heel veel ruimte voor de muziek die we zelf wilden draaien, we werden gestimuleerd om platen bij de fonotheek te halen en met name de oude rockers uit mijn vaders platenverzameling (Clapton, JJ Cale, Creedence, Pink Floyd, Dylan, etcetera). Uit mijn vroege jeugd herinner ik met dat ik veel gedanst heb op de Notenkraker van Tschaikovski, met op de andere kant het pianoconcert in Bes, verder natuurlijk Peter en de Wolf met op de achterkant het Carnaval der Dieren. Daarnaast heb ik een associatie met Mozart en zondagochtend. En dan vooral het fluitkwartet van Wolfie. Ik weet dat een van de eerste klassieke stukken die ik echt mooi vond de Pulcinella Suite van Stravinsky was en dat ik ook het celloconcert van Elgar op een bandje had. Het was er dus wel, de klassieke muziek, maar structureel… Ik durf het echt niet met zekerheid te zeggen.
    Mijn zangjuf ging een paar weken geleden met me mee naar een andere opera. We moesten naar Enschede, dus we hadden veel tijd in de auto en die tijd gebruik je dan, jawel, om over muziek te praten. Zij vroeg me naar de muziek uit mijn kindertijd, want ze had een theorie dat dat de muziek is die je echt raakt. Zij had dit met veel barokmuziek. Er zijn wel een paar links die ik heb. Vroeger had mijn moeder een singeltje van Max Woiski wat ik toen als kind al erg leuk vond, en de Cubaanse muziek is later een grote liefde van me geworden. En tuurlijk, ik ben nostalgisch als ik de Notenkraker hoor, maar om nou te zeggen dat dat muziek is die me echt raakt, nee.
    Het rare is ook dat ik als negenjarige persé accordeon wilde spelen, terwijl ik helemaal niks met accordeonmuziek had of het uberhaupt kende. Pas veel later, toen ik ging studeren, maakte ik kennis met allerlei leuke muziek waar accordeon(-achtigen) in zaten. Muzikale voorkeur, het blijft een raar ding.

  • Leave a Reply

    *