• 10th December 2009 - By Annemiek

    Ik ben niet iemand die gelijk voor het hoogst haalbare gaat. Ik ben niet competitief ingesteld, ik ga ben niet gewend dat ik krijg wat ik wil, dus ik wil niet zo veel meer. Dan is alles wat op je weg komt een mooie kans.
    En zo kwam de kans om naar China te gaan en werd in een bijzin gevraagd of ik dan ook de concerten in Het Concertgebouw mee wilde doen. Duh… Ik mag mijn doelen dan misschien niet hoog leggen, als er iets unieks voorbij komt, hoef ik daar niet lang over te denken. Dus na de stress voor de Chinareis kwam er nu de stress voor het concertgebouworkest, die ik niet uitgebreid zal beschrijven (soort ‘zoek en vervang’).

    De afgelopen week was de meest gestelde vraag aan mij ‘Hoe is het nou om in het Concertgebouw te spelen?’. Tja, hoe is dat. Om te beginnen moet je gewoon spelen: de noten zijn hetzelfde als in het Frits Philips in Eindhoven en hetzelfde als in de repetitieruimte. Wat raar is in het Concertgebouw, is dat het podium heel sterk oploopt, waardoor de collega’s voor je bijna beneden je zitten. Het nadeel daarvan is dat je lessenaar heel snel het zicht belemmerd op de aanvoerder van je groep en dat is niet handig. De dirigent staat daardoor nog lager, en dat betekent weer dat je je lessenaar niet te hoog kan zetten, want dan zie je de dirigent niet meer. Ik had ook nog het probleem dat ik eerst op de hoogste omloop zou zitten, die direct tegen het publiek aan zit. Toen ik ging zitten bleef de krul van mijn bas hangen op het hekje tussen het publiek en het orkest (hing daar nou een bordje met ‘Niet voeren’?). Bij mijn grotere collega’s (zowel de bassen als de mannen) bleef de krul er ruim boven hangen, maar ik heb een klein basje en ik zit laag, dus dat werkte niet. Toen we eenmaal zaten en konden gaan spelen was het wel heel waanzinnig. Ik heb mezelf er zo nu en dan echt aan moeten herinneren dat het ook vooral leuk was en dat ik ook moest genieten, in plaats van me volledig stuk te bijten op de muziek. Ik was erg blij dat Stravinsky precies boven ons op het balkon stond, het voelde fijn dat hij zo op me neerkeek.

    Wat ook raar is vergeleken met andere zalen, is dat het podium nogal ontoegankelijk is. Je kan natuurlijk de trap met de loper nemen, maar dat was niet helemaal de bedoeling. Voor het podium zitten twee kleine trapjes en vervolgens moet je dan het podium nog opklauteren. Het Philips Symfonie Orkest is nogal strak met opkomen, dus zo werd dat dan ook gedaan. Toen ik later in de week het Koninklijk Concergebouworkest zag spelen, zat die gewoon al op hun plek toen het publiek de zaal binnenkwam. Veel makkelijker.

    Ik vond het echt helemaal leuk om door de catacomben te lopen, de artiestenfoyer, de dirigentenkamer waar echt Maris Janssons op staat en daarna de dirigentenkamer voor gastdirigenten, de prachtig doorgezette huisstijl met dat prachtige lettertype. De inspeelkamer voor de violen en voor de bassen (die we niet gebruikten, en voor koper en hout apart. Het is echt met recht een muziektempel. Ik voel me bevoorrecht dat ik hier rond mocht lopen.

    Er zat ook nog een kleine familie-historische component aan mijn concert in het Concertgebouw. In de familie gaat het verhaal dat de broer van mijn grootmoeder in het Concertgebouworkest gespeeld heeft. Het schijnt dat er in de jaren 20 van de vorige eeuw nog amateurs in het Concertgebouworkest speelden en mijn oudoom zat zo bij de tweede violen onder Mengelberg. Ik weet wel dat er eind negentiende eeuw nog amateurs in het orkest zaten, of dat aan het begin van de twintigste  eeuw nog zo was, maar ik had wel het gevoel dat ik onderdeel was van die familie.

    Een bizarre ervaring was het concert dat ik vijf dagen later in hetzelfde Concertgebouw bezocht: het Koninklijk Concertgebouworkest speelde Mahler 2 (voor de niet musici: de tweede symfonie van Mahler) en het eerste deel daarvan is nagenoeg gelijk aan Totenfeier, dat ik met het Philips daar speelde. Ik zat dus te luisteren naar een stuk wat nog vers in mijn speelgeheugen zat door een vele malen beter orkest met een fenomenale dirigent. Met name Maris Janssons was geweldig. Ik zit tijdens de Mahler-cyclus achter het orkest en heb dus heerlijk uitzicht op de dirigent. De vorige keer dirigeerde Daniel Harding en het was niet slecht, maar zijn bewegingen waren in te delen in de volgende categorieen: “was ophangen”, “soep roeren” en “kadootjes geven”. De muziek werd er niet minder mooi door, maar als je die bewegingen zag, zag je ook niets anders meer. Janssons was daarentegen het hele stuk een genot om naar te kijken. Het voelde alsof hij zelfs het publiek tegenover hem aan de hand mee nam door het stuk, zo goed paste zijn directie bij wat er muzikaal gebeurde. Tijdens dit concert heb ik overigens meer van de waanzinnige accoustiek van het gebouw genoten dan toen ik zelf speelde. Het koor paste niet helemaal op het stuk voor het orgel en zat dus ook op de eerste stoelen waar het gewone publiek ook zat. Bij het begin van het concert dacht ik dat we die alten dus veel duidelijker zouden horen, of dat we het koor beter zouden horen dan het orkest, maar niets daarvan. Ookal zit je op een rare plek toch is de balans nagenoeg perfect. Alleen een paar stukjes met maar twee of drie instrumenten waren iets in onbalans. Het koor was één prachtig vol geluid, en vooral in de lage delen zo warm, zo intiem, zo prachtig. Echt een geweldige avond.

    Hieronder dirigeert Sir Simon Rattle (oom Simonvolgens Rosalie) Totenfeier. Ga ervoor zitten en geniet.

    <object width=”425″ height=”344″><param name=”movie” value=”http://www.youtube.com/v/FLD6MDvwocM&hl=nl_NL&fs=1&”></param><param name=”allowFullScreen” value=”true”></param><param name=”allowscriptaccess” value=”always”></param><embed src=”http://www.youtube.com/v/FLD6MDvwocM&hl=nl_NL&fs=1&” type=”application/x-shockwave-flash” allowscriptaccess=”always” allowfullscreen=”true” width=”425″ height=”344″></embed></object>

    <object width=”425″ height=”344″><param name=”movie” value=”http://www.youtube.com/v/lLUKkyCw4WE&hl=nl_NL&fs=1&”></param><param name=”allowFullScreen” value=”true”></param><param name=”allowscriptaccess” value=”always”></param><embed src=”http://www.youtube.com/v/lLUKkyCw4WE&hl=nl_NL&fs=1&” type=”application/x-shockwave-flash” allowscriptaccess=”always” allowfullscreen=”true” width=”425″ height=”344″></embed></object>

    De foto is schaamteloos gejat van Pim van ‘t Hof. Ik was zelf te flabbergasted om een foto te kunnen maken.

  • 4 Comments to “Concertgebouw – mijn eerste keer”

    • Aukje on December 10, 2009

      Gaaf man, die heb je maar weer binnen. Ik ben niet verder gekomen dan de kantine. :)

    • Rosalie on December 10, 2009

      Joh, je bent nu officieel toegetreden tot mijn rijtje ‘helden’. Maar hee, ik ga zelf ook nog es in mijn eigen rijtje komen, dat snap jij ook. :-P

      Trouwens, over gebaren van dirigenten gesproken, ken je ‘De Metselaar’? Die is ook heel mooi, doe ik wel een keer voor.

    • prentje on December 15, 2009

      Wow. Wow voor het Concertgebouw, Wow voor China en Wow voor weer een hele gevatte reactie op mijn blog ;-) O ja, en Wow voor je superprofi site! Daar kan ik nog wat van leren!

    • Mahler | Amiek on February 8, 2010

      [...] Mahler te luisteren. Dus zo toog ik met vriendin A. en haar familie al drie keer naar Amsterdam. De eerste twee keer waren een beetje opwarmertjes: de eerste symphonie kende ik al helemaal en de tweede voor een deel. [...]

    Leave a Reply

    *